Oet Dorp en Marke

IJzertijd-bewoning in losser

Langs de westkant van Losser, in de ruime omgeving van het erve Deppenbroek, zijn op enkele plaatsen in de afgelopen 30 jaar scherven uit de IJzertijd gevonden (800 v. Chr. -0). Het is daarom wel duidelijk, dat in het inmiddels overbouwde gebied een of enkele woonplaatsen uit de IJzertijd hebben gelegen.
Opgravingen zijn er echter nooit uitgevoerd, de schaarse kennis berust geheel op wat verzamelde en vervolgens bij archeologen gemelde vondsten.

In 1983 vonden enkele leden van de Historische Kring Losser (W.J. ter Denge en J. Poorthuis) in het bedoelde gebied wederom IJzertijd scherven. Dat was in allerlei ontsluitingen (zoals wegcunetten en bouwputten) bij nieuwbouw aan de Hofkamp langs de Broekhoekweg. Ondanks deze ingravingen bleken er geen prehistorische grondsporen te zien, zodat de los gevonden scherven niet behoren bij vroegere bewoning ter plaatse, maar bij bewoning in de naaste omgeving.

Enkele van de gevonden scherven pasten aan elkaar en bleken tot een grote schaal te behoren. Omdat een deel van de schaalrand aanwezig was, kon de doorsnede van de rand worden bepaald op ca 27 cm. Dank zij een paar passende scherven was het schaalprofiel tot halverwege de buik te bepalen en te tekenen.

Het onderste deel van de schaal was vervolgens bij benadering aan te geven en is in de tekening met een ontbroken lijn geschetst. De gereconstrueerde hoogte is daarbij ruim 12 cm.

Zoals bij veel aardewerktypen uit de IJzertijd het geval is, is ook deze schaal op de buik (en schouder) besmeten met kleikloddertjes, terwijl halspartij glad is afgewerkt. Het doel van het besmijten is niet geheel duidelijk, men denkt echter vooral aan het minder poreus maken van de potten. Op de tekening is het besmeten deel van de schaal warrelig gemaakt. Dat is alleen op de rechter helft van de technische tekening aangegeven, omdat het rechterdeel de buitenzijde van de pot weergeeft; de linkerhelft van de tekening daarentegen de  binnenzijde en de doorsnede van de potwand. De wand van de Losserse schaal is 6-9 mm dik. De klei die daarvoor gebruikt is, is opzettelijk gemengd, verschraald met granietgruis. Men kan de klei ook met andere middelen verschralen, maar in Overijssel en omgeving is steengruis het meest gebruikt.
Die verschraling was nodig, omdat potten van zuivere klei tijdens het bakken door de krimp zouden barsten. De datering van prehistorisch aardewerk (scherven) in het algemeen en in dit geval van het schaalfragment, wordt bepaal door de vorm en het baksel (en indien aanwezig ook door de versiering).
Besmeten is typerend voor de IJzertijd en de Romeinse tijd . De laatst genoemde periode valt hier bij de Losserse vondsten om bepaalde redenen af.

ODEM1993 3 01Aardewerkschaal uit de ijzertijd gevonden te Losser schaal: 1 : 3.

Wijdmondige schalen, zoals deze vondst uit Losser, zijn goed bekend uit de midden en late IJzertijd. De schaal zal dus samenhangen met bewoning uit de laatste 5 eeuwen voor Christus.

Helaas is die bewoning met onder meer plattegronden van boerderijen onbekend gebleven en voorgoed verdwenen met de overbouwing destijds van de Losserse es.

A.D. Verlinde

Copyright 2016-2019 © Historische Kring losser. Overname alleen toegestaan na schriftelijke toestemming.