Oet Dorp en Marke

Het landgoed Ravenhorst.(bezittingen en rechten)

Vervolg nr;  1993-4

Het landgoed Ravenhorst bestond uit: het huis Ravenhorst (zie hfdst 3) en vijf boerenerven te weten de erven Stallbrink, Bruggeman, Herman, en Gunnemann in de boerschap Bardel en het erve Schurwobbiken in de boerschap Westenberg (ten W van Gildehaus).

De grootte van het landgoed bedroeg in 1631: 30 mudde akker met een toeslag van 35 mudde 12 mudde weideland en hooiland ter grootte van 36 karrevrachten. De huidige grootte van het landgoed Ravenhorst bedraagt 33 ha. ( 1 mudde =3638,5 m2 1 ha. =3,5 mudde).

In de kerk te Gildehaus bezat men twee kerkbanken en vier begraafplaatsen. Na de restauratie van deze kerk zijn de grafstenen buiten de kerk komen te liggen. De stenen zijn sterk afgesleten, doordat iedereen er overheen liep. Van twee stenen is echter nog een gedeelte van de tekst leesbaar. 1) Anno 1730 den 1 ... ist die hochwohlgeborene Frau Cornelia Elizabeth Amangnetem von Beverfoerden von der Nienborg verwittibte Frau von Hoevel Frau zu Ravenhorst & & G im Herren Entschlafen.

ODEM1994 1 07Anno 4 A 9 September ist ...hochwohlgeborener Herr .. Otto von Hoevel Herr zu Ravenhorst

Meer is er op deze laatste grafsteen niet te lezen. Op grafsteen (1) staan de wapens van Beverfoerde en van Ascheberg.

ODEM1994 1 12

Grafsteen (2) bevat de wapens van von Hovell en van Munster. De wapens zijn niet meer leesbaar, enkel de namen op wimpels eronder. Er moeten van Ravenhorst nog twee grafstenen zijn, deze zijn echter niet meer te vinden rond de kerk te Gildehaus. Ze zijn misschien ergens anders terechtgekomen, nadat de stenen i.v.m. de restauratie van de kerk naar buiten zijn gebracht.

Rechten, verbonden aan het landgoed Ravenhorst.
Als de rechten van Ravenhorst geschonden werden. moest de bewoner zich beklagen bij de Graaf van Bentheim en zijn leenmannen. Deze moesten de zaak binnen 14 nachten uitzoeken en rechtzetten. Als de Graaf in moeilijkheden kwam, waarbij hij de hulp van Ravenhorst nodig had, dan kon hij de Ravenhorst op zijn kosten, winst en verlies in deze moeilijkheden betrekken. Werd hierbij het Huis Ravenhorst verwoest, dan was de Graaf verplicht het huis op zijn kosten en binnen een jaar tijd in de oorspronkelijke vorm weer op te bouwen.

De verschillende rechten van Ravenhorst waren:

  • Het Huis Ravenhorst had zitting in de landdag, hier werd het beleid van het land bepaald en werd recht gesproken.
  • De bewoner van Ravenhorst mocht drie dagen in de week in de vijver van de Graaf van Bentheim vissen. In 1666 kwam hier ook nog het visrecht rondom het Huis Ravenhorst in de Dinkel bij. Ravenhorst bezat het jachtrecht op de bijbehorende pachthoeven en op het Dinkelveld. Het was hen echter verboden om in de buurt van de Gildehauser berg te komen. Dit laatste behoorde nl. aan de Graaf van Bentheim.
  • Ravenhorst had het recht een schaapskudde te laten grazen op haar bezittingen.
  • Ook had de Ravenhorst het recht turf te steken in het Gildehauser Venn, gelegen ten zuiden van het huis Ravenhorst.
  • Ravenhorst mocht in het Bentheimer Woud 50 varkens mesten en kon hier brand-en timmerhout halen.
  • Ravenhorst had Markenrecht in de Marke Bardel. Dit hield in, dat hij bij onenigheid over de markengrond de bewoner van Ravenhorst als "Rechter" optrad. Het optreden als Rechter is niet het enige voorbeeld van bemoeienissen van Ravenhorst met zijn omgeving. Na de Reformatie (1571) werd de grote zaal van het Huis, voor de Losserse katholieken als noodkerk ter beschikking gesteld.

Hoofstuk 3

ODEM1994 1 08Het slot Ravenhorst
Het slot Ravenhorst was samen met de adellijke huizen Langen, Brandlecht en Wolda een vooruitgeschoven steunpunt van het kasteel Bentheim.
Het Huis Ravenhorst was geheel door grachten omringd en kon derhalve ook als een waterburcht worden beschouwd. Het geheel bestond uit een voorhof en een hoofdplein. De voorhof werd in het geheel door grachten omgeven en bevond zich aan de zuidkant van het hoofdplein. Men kon de voorhof bereiken d.m.v. een vaste brug van Bentheimer zandsteen die aan de zuidkant lag. De brug bestaat nog steeds en heeft een sluitsteen, die het jaartal 1722 draagt. In vroeger tijden heeft er voor deze brug een toegangspoort uit Bentheimer zandsteen gestaan, maar deze is afgebroken en naar Burgsteinfurt overgebracht.

Hier is hij nog steeds te zien op het binnenplein van het kasteel te Burgsteinfurt.
op de voorhof bevond zich aan de oostkant een turfschuur, aan de westkant stonden een woonhuis en een schuur voor vee en landbouwgereedschappen. Van een turfschuur zijn alleen nog de fundamenten zichtbaar. De andere schuur doet nu dienst als koestal. Het gebouw is niet meer in oorspronkelijke stijl, daar het jaren geleden door een omvallende boom gedeeltelijk verwoest werd. De beide schuren op de voorhof waren volgens het principe van de vakwerkbouw gebouwd. De gebouwen op de voorhof waren uit baksteen en hout opgetrokken, maar de fundering was van Bentheimer zandsteen. Ten noorden van de voorhof lag de eigenlijke burcht. Ook het hoofdplein was geheel omsloten door een gracht en stond in verbinding met de voorhof d.m.v. een ophaalbrug. Meteen over de brug komen we bij het poorthuis, hierin bevond zich de ingang naar het slotplein.

ODEM1994 1 09

Het poorthuis bestond uit een linker en een rechtervleugel en bevatte een verdieping, die ± 50 cm. boven de grond lag.
Het poorthuis was opgetrokken uit baksteen en zandsteen en had een fundering van zandsteen. Deze zandstenen lagen op in de grond geslagen palen.
Dit om eventuele verzakking van het gebouw te voorkomen. Achter het poorthuis bevond zich de binnenplaats, met daarin een put. Vanuit deze put liep een houten waterleiding naar het poorthuis. Deze waterleiding bestond uit boomstammen, die in de lengte uitgehold waren en d.m.v. een speciaal verbindingstukje aan elkaar gezet waren. Het laatste deel van het poorthuis is in 1960 afgebroken, het betrof hier de westelijke vleugel, met daarin de z.n. Freulenkamer.

ODEM1994 1 10

De put bestaat nog steeds alhoewel hij gedempt is. De houten leiding zit nog gedeeltelijk in de grond, het opgegraven gedeelte is in bezit van de Heer Hartman in Gildehaus.

Het Hoofdgebouw was dwars op de oost vleugel van het poorthuis gebouwd. Het twee verdiepingen tellende gebouw was geheel uit Bentheimer zandsteen opgetrokken.
De eerste verdieping bevatte een spekkamer, een slaapkamer en een grote zaal. Naast de grote zaal bevond zich de hal, met daarin een trappenhuis, dat naar de tweede verdieping leidde. Hier bevonden zich nog vier slaapkamers.
Van het hoofdgebouw is weinig bekend, omdat het al lang voor het poorthuis werd afgebroken. Dat het na 1815 is afgebroken is haast wel zeker, omdat er nog een plattegrond van het huis bestaat die gedateerd is op 2 december 1815.

ODEM1994 1 11Van het gebouw dat aan de noordkant van het binnenhof heeft gelegen is tot nu toe niets bekend. Het poorthuis en het hoofdgebouw waren onderkeldert. Daar de grondwaterstand in dit voormalig veengebied nogal hoog was, lagen de kelders ± 1 m. onder de grond en ± 0,5 m. er boven.

Tegenover het hoofdgebouw aan de andere kant van de binnenplaats bevond zich een bloementuin. De waarschijnlijke fundamenten van de muur om deze tuin zijn m.b.v. grondboringen teruggevonden. Verder zijn er nog de fundamenten van de turfschuur op de voorhof, de put op de binnenplaats en de vaste brug naar de voorhof uit 1722. De fundamenten van de andere gebouwen zijn niet meer te vinden. Deze zijn waarschijnlijk tegelijk met de andere stenen afgevoerd, omdat ze gemakkelijk uit te graven waren, daar ze op palen lagen. Verder is het terrein rond de boerderij ± 0,8 m. diep omgeploegd, waardoor de laatste restjes aan sporen wel verloren zijn gegaan. Bij de bouw van het huidige boerenhuis stootte men op een gedeelte van de gedempte gracht, die de afscheiding tussen voor en binnenhof vormde.

Hierbij vond men verschillende tabakspijpjes uit de zeventiende eeuw. Zoals reeds duidelijk is geworden staat er nu op de plaats van het slot Ravenhorst een Boerderij met dezelfde naam en het toeval wil dat de gebouwen van de boerderij op bijna dezelfde wijze zijn gegroepeerd, als die van het vroegere kasteel.

Literatuurlijst + lijst van bronnen.

  • Drs. I.W.L. Moerman "Kastelen en hun bewoners."
  • J.J. van Deinse "Het land van katoen en heide.”
  • Dingeldein "Het land van de Dinkel.”
  • R. von Bruch "Die Rittersitze des Emslandes."
  • Dr. H.B. Voort "Der Allodialbesitz der Familie von Wüllen zu Ravenshorst im Kirchspiel Gidehaus.”
  • J..J. van Deinse "Ravenshorst." (Heimatverein der Grafschaf Bentheim. geschaftsbericht für 1913.)
  • Fürstliches Archiv Burgsteinfurt Nordrhein-Westfalen
  • Rijksmuseum Enschede
  • Fam. Stopka Ravenshorst Bardel
  • Herr Hartmann Gildehaus
  • Prins Hubertus v. Bentheim Bentheim Niedersaksen
  • L. de Vries Losser

Copyright 2016-2019 © Historische Kring losser. Overname alleen toegestaan na schriftelijke toestemming.