Oet Dorp en Marke

Een 4.500 jaar oude strijdhamer of grommelsteen uit Losser

Reeds omstreeks 1910 vond de grootvader van J. Poorthuis een stenen werktuig uit de prehistorie. Er is over de vondstomstandigheden en de precieze vindplaats helaas niet meer bekend, dan dat de steen waarschijnlijk in de Oelemars, dus ten zuidoosten van Lasser, gevonden werd.

De stenen vondst wordt in de archeologie aangeduid als strijdhamer of strijdbijl. Maar er is geen enkel bewijs gevonden dat strijdhamers ook echt voor dat doel gemaakt en gebruikt zouden zijn. Het is echter wel zeker, dat de makers en gebruikers veel op hadden met dit type voorwerp. Ze zijn namelijk ondanks hun bewerkelijkheid vrij veelvuldig gemaakt en ze worden meestal in (bijna) gave toestand aangetroffen.
Men heeft er dus kennelijk niet al te ruw mee omgesprongen. Bovendien zijn veel exemplaren aangetroffen als bijgaven in grafkuilen of als offervondsten, zogeheten depots, in voormalige moerassen en rivierdalen.

Wellicht hebben vooral de fraai uitziende strijdhamers destijds alleen maar gefunctioneerd als waardigheidstekens.

Hoe het ook zij, de strijdhamers hebben ook nog niet zo lang geleden indruk gemaakt op de mensen. De Losserse vondst heeft namelijk evenals een aantal andere strijdbijlen als grommelsteen aan een woning gehangen. In het bijgeloof dacht men dat deze 'hamers van Donar' bescherming zouden bieden tegen blikseminslag. Immers, waar de bliksem al eens ingeslagen was (en waar dus de goddelijke hamer' was achtergebleven) zou dat geen tweede maal gebeuren, ook al verplaats je die hamer van de vindplaats naar je woning .

De gave strijdbijl uit Losser is zorgvuldig geslepen uit het gesteente amphiboliet. Dat gesteente lijkt voor de leek wat op graniet en het bevat een zwart mineraal. Daar de strijdbijl 17,5 cm lang is, 6,5 cm breed en 3,5 cm dik, moet de moedersteen behoorlijk groot geweest zijn. Het is jammer genoeg niet vast te stellen of de moedersteen een lokale zwerfkei was of dat het gesteente elders is uitgemijnd en vervolgens als eindproduct of halffabricaat hier terecht gekomen is. Voor het slijpproces maakt het niets uit, want dat heeft zeker vele uren geduurd. Waarschijnlijk heeft men het geslepen met nat zand, het beste slijpmiddel dat in de natuur overal voorhanden is.

Binnen de groep van de in Nederland bekende strijdhamers is de Losserse vondst groot en zwaar (838 gr.). Hij heeft een iets asymmetrisch smal toelopende nek achter het steelgat. De boven- en onderzijde zijn bijna vlak, maar toch heel zwak gewelfd. Het cilindervormige steelgat is 28 mm in doorsnede en dat is uitgesproken groot.

De strijdbijl heeft dus een forse houten steel gehad, maar die is natuurlijk reeds lang vergaan. Het is wellicht wat vreemd, dat er bij een strijdbijl met zo'n groot steelgat geen steelgatverstevigingen zijn aangebracht om het mogelijke breken van de hamer naast het steelgat te voorkomen. Die verstevigingen, verbredingen naast het steelgat, zouden de hamer bovendien een markanter aanzien hebben kunnen geven dan de spoelvorm van nu.
Maar het dient gezegd te worden, dat de meeste strijdhamers uit Overijssel en omgeving, de genoemde verstevigingen niet hadden, dit in tegenstelling tot de bijlen uit oostelijker gelegen regio's,

Tot slot nog enkele woorden over de ouderdom van de vondst.
De meeste strijdhamers behoren tot de zogeheten 'Enkelgrafcultuur', tot voor kort de 'Standvoetbekercultuur' geheten.
Dat is bekend geworden door associaties van strijdhamers met andere vondsten en grondsporen van de genoemde cultuur, meestal in grafkuilen. De (stenen) werktuigen, die los gevonden worden, kunnen dus alleen op grond van hun typische vormgeving herkend worden als voorwerpen, die tot een bepaalde cultuur moeten behoren.

Dat zijn dus typologische redenen, die in de archeologie altijd al een belangrijke rol spelen. Daar de 'Enkelgrafcultuur' (of culturen) gedateerd worden rond 2500 v.Chr., is daarmee ook de ouderdom van de Losserse strijdhamer globaal aangegeven.

De dragers van deze culturen waren al dan niet rondtrekkende landbouwers, die de veelteelt als hoofdmiddel van bestaan hadden. Onder meer in Twente hebben zij de nodige sporen achter gelaten, waarvan grafheuvels wel de bekendste verschijnselen zijn.

A.D. Verlinde

ODEM1994 3 06
Strijdhamer (van Amphiboliet) schaal 1 : 2
Gevonden in de Oelemars, ten zuidoosten van Losser. De vondst hing als grommelsteen aan een boerenwoning in het dorp bij Morshuis. In de jaren dertig geschonken aan Dr. de Bruyn te Oldenzaal, later terug naar Losser.

Copyright 2016-2019 © Historische Kring losser. Overname alleen toegestaan na schriftelijke toestemming.