Oet Dorp & Marke 1995-4

Brieven van Dominee Pos (5)

G.W.Th. van Slageren

Uit de geschiedenis van de Hervormde Gemeente Deze keer de laatste van de brieven, die ds. H. Pos aan ds. J.J. W.A. Wijchers schreef Ik hoop, dat het u net zo is vergaan als mij: ik vond de brieven erg interessant.
Misschien dat u door het lezen van de brieven nieuwsgierig geworden bent, wie die ds. Pos nu eigenlijk was en daarom zal mijn eerstvolgende bijdrage aan hem gewijd zijn.

G. W. Th. van Slageren

Hilversum, 11 Juni 1944

Waarde collega Wijchers,

Nog enkele woorden naar aanleiding van Uw brieven en vragen in verband met een en ander, dat ik U meedeelde in hoofdzaak over het verleden van Losser.
Wat den kerkelijken toestand van Losser betreft, in mijn tijd, in een zeer belangrijk opzicht kan ik daarvan gunstig getuigen.
Vooraf de opmerking dat die gemeente zeer klein was toen ik er werd beroepen: zij telde toen bijna 300 zielen. Doch zoals ik U, vergis ik mij niet, reeds schreef, in dat zielental kwam spoedig een aanmerkelijke verandering.
Tegelijk met mijn komst in Losser, begon daar, evenals in geheel Twenthe, een instroming van nieuwe bewoners, die aangelokt werden door de groote textielfabrieken, die juist in dien tijd tot grooten bloei geraakten. Het grootste deel dier nieuwe bevolking bestond uit Protestanten en de stroom dezer nieuwelingen bleef vloeien zolang ik in Losser was en ook daarna.

Bij mijn komst in Losser vond ik daar een rustige, gemoedelijke, eendrachtige gemeente. Na eenige kennismaking werd mij door enkele stemmen toegefluisterd, dat "die en die" eigenlijk "modern" was. Een enkel gesprek met de aldus aangeduide leden der gemeente was afdoende, om mij te overtuigen, dat hier vergissing in het spel was: met de Christologie dier aldus aangeduiden was het volkomen in orde. Het punt van verschil tusschen hen en andere leden der gemeente was, dat zij in ’t bijzonder vijandig stonden tegenover de beweging van Dr. A. Kuyper, de doleantie.
Wat ik voorts gedaan heb, om genoemden stroom van immigranten op te vangen en zoo mogelijk te binden aan onze Vaderlandsche Kerk is U bekend. Dit heeft grootelijks medegewerkt om te bestendigen wat ik aanvankelijk vond in de kleine gemeente te Losser. Ook toen het zielental reeds meerdere malen een veelvoud vertoonde van hetgeen ik vond bij mijn komst, bleef de schare eendrachtig. Voor het uiterlijk heerschte er eenheid in heel mijn diensttijd in Losser: onkerkelijken, socialisten, vijandig gezinden, ethischen, confessioneelen, Bondsmenschen en soortgelijken kwamen toenmaals in Losser niet voor. De omstandigheden werkten mede om die uiterlijke eenheid te bestendigen, zoals ik U reeds eens uiteenzette.

De familie Teilers
Gekend heb ik nog geruimen tijd Jan Teilers en Mientje Teilers, de laatste verwanten in Losser van de Enschedesehen Teilers, van wien afkomstig is de bekende Teilersstichting te Haarlem, die ook nog geregeld prijsvragen uitschrijft ter verdediging van den Protestanschen godsdienst. Het was een kapelaan te Losser, die de Lossersche Teilersen steunde om alsnog door een proces de nalatenschap van bovengenoemden Teilers machtig te worden.

Dit is voor mijn tijd gebeurd. Hij bezorgde hun een advocaat, die op zijn kosten, voor hen zou optreden. Het proces werd gelijk zoovele andere, die vroeger en later om dezelfde questie werden gevoerd, afgewezen. De oorzaak schuilde in het feit, dat de laatste schakel der bloedverwantschap met den Enschedesehen Teilers, door de Lossersche niet kon worden aangevoerd. In 1861 is nl. het Enschedesche gemeentehuis afgebrand en daarmede ook de bevolkingsregisters.
De koperen kronen in de kerk te Losser droegen ook den naam dier familie Teilers (overigens slechts één van de twee; wel is ook de kanselbijbel door een Teilers geschonken -GvS).
Tijdens mijn verblijf te Losser ontving ik eens een schrijven van een zekeren Age S. Miedema, een jurist, die mij vroeg of er in Losser nog sporen aanwezig waren van de familie Teilers. Ik kon hem toen bevestigend antwoorden en deelde hem eenenander -bovengenoemd - mede '(Teiler niet Teilers is de oorspronkelijke naam).

ODM 1995 4 01
Het Teylershuis heeft diverse gebruikers gehad. Eerst het woonhuis van o.a. Jan teylers, een autogarage van Brilman, schoutingsgebouw. Na renovatie Teylers apotheek en nu restaurant "de oude apotheker"

De parochie Losser
In een archiefboek te Losser vond ik, dat de Roomsche parochie van die naam gesticht was in het jaar 1350. Te Utrecht, in het Aartsbisschoppelijk Museum, op onderzoek naar het origineel der Stichtingsacte, werd mij door een beambte, die het nazocht, medegedeeld, dat het origineel er werkelijk aanwezig was; gezien heb ik het echter niet !

De Graafschap Bentheim
In oude tijden werd de Graafschap Bentheim, wat de Hervormde gemeenten betrof, beschouwd als een buitenlands, maar desondanks gelijkgerechtigd deel van onze Vaderlansche kerk. Candidaten, die geëxamineerd waren door de "Gereformeerde Classis" van Bentheim, werden beroepen in onze kerk. Een voorbeeld daarvan is de man, die in de heugenis van de oude Losserschen, in mijn tijd, de dominé was, nl. Ds. Hulsken: in het archief vond ik vermeld, dat hij geëxamineerd was door de Classis Bentheim, waaruit blijkt, dat deze kerkelijke band nog bestond in het begin der 19de Eeuw .

Waarschijnlijk zal ik mijn terugblik op het Verleden van Losser hiermede staken.

Nu ik hoop, dat U met de Uwen in den besten welstand verkeert en dat U in alles Gods besten Zegen moogt ervaren, ook op Uw werk in de gemeente. Het doet mij genoegen, dat ik zoo geregeld de Kerkbode door Uwe bemiddeling ontvang: die Kerkbode brengt mij een telkens weer gretig doorgelopen lectuur.

Ik maak er uit op, dat in Enschede de vrijzinnigen nog de macht in handen hebben. In mijn tijd vond ik daar Coll: van Oosterzee, als eenig orthodox predikant en naast hem 2 modernen.
Oosterzee legde heel zijn ziel in zijn werk: hij had de schare. In de vacature na zijn vertrek, heb ik een paar maal een beurt vervuld in de groote kerk, een gebouw, dat zijn naam eer aandeed: welk een ruimte! Ik meen, dat er 2500 zitplaatsen in waren. Eens had ik er een doopbeurt met niet minder dan 23 doopelingen! Maar ik moet eindigen en doe dit met hartelijke groeten voor U en de Uwen en voor alle oude vrienden in ’t bijzonder ook voor H.N. Nusmeijer en den kerkvoogd Hendriksen.

Met de beste wenschen.

H. Pos

Copyright 2016-2019 © Historische Kring losser. Overname alleen toegestaan na schriftelijke toestemming.